zaterdag 27 november 2010

Rode coleslaw

Deze week nog eens gestoofde rode kool met appeltjes gemaakt. Dat betekent dat mijn modus nu volledig op "winter" staat. En ja hoor, daar was meteen ook de eerste sneeuw van het seizoen. Maar goed, rode kool dus. Waarom "rode" trouwens? Misschien ben ik serieus kleurenblind, maar ik vind "paarse" hier toch meer op zijn plaats... Al klinkt het wel een pak minder smakelijk natuurlijk, paarse kool... 


Mijn allergrootste kookpot is er niet echt op voorzien,op zo'n hele "rode" kool. Er bleef dus een kwartje achter in de koelkast. Van een (restje) witte kool maak ik vaak coleslaw, dus waarom zou dat ook niet gaan met de rode variant? Ik maakte mijn origineel coleslaw recept wat fruitiger en hakte zowel de kool, de wortelen als de appel deze keer heel fijn, uiteraard met de hulp van mijn goede vriend Mr. Braun Keukenrobot. Dit nieuwe recept is overigens ook zeer lekker bij zelfgemaakte ham- of veggieburgers en ovenfrietjes. Nu alles op is, bedenk ik dat een handje rozijnen er misschien ook wel heel goed bij zou passen. En misschien wat curry? Dat is dan voor een volgend restje paarse kool... 


Dit heb je nodig:
  • 1/4 rode kool
  • 2 middelgrote wortels
  • 1 appel (jonagold ofzo)
  • 3 eetlepels frambozenazijn (of appelazijn)
  • 3 eetlepels mayonaise (uit een potje)
  • 1 eetlepel honing
  • 2 eetlepels bruine suiker
  • Peper & zout van de molen


Zo maak je het:
Verwijder de harde kern van je kwartje rode kool en snijd in grove stukken. Spoel ze,  droog ze goed en hak ze dan fijn in de keukenrobot. Was en schil daarna ook de wortels en hak ze apart fijn. Doe hetzelfde met de appel, verwijder hier ook het klokhuis. Het is belangrijk dat je deze 3 ingrediënten apart hakt. Ze hebben alle drie een andere hardheid en je wilt uiteraard geen appelmoes met grove stukken wortel als resultaat.




Doe alles bij elkaar en voeg de azijn, mayonaise, honing en suiker toe. Kruid met peper en zout en meng alles goed. Proef en kruid indien nodig nog wat bij! 



Zeer eenvoudig, dat wel. Maar eerlijk gezegd, als je geen keukenrobot hebt, zou ik er niet aan beginnen. Tenzij je natuurlijk geweldig vlotjes kan hakken zonder elektrische keukenhulp:





zondag 21 november 2010

Snelle pasta 2: Griekse pasta met spinazie

Nog een snelle pasta, nu ja "pasta". Het is pasta, maar ziet eruit als rijst. Je kent het wel: risoni, orzo, kritharaki... Er bestaan al bijna evenveel benamingen als recepten voor. Hier mijn snelle versie met spinazie, olijven en feta. Nu ja "feta"... :) Ik gebruikte een feta look-a-like op basis van koemelk, gemarineerd in kruidenolie, ook wel gebruikt als aperitiefkaasjes. Dus laat dit recept je zeker niet afschikken als je niet graag échte feta eet. Opnieuw een supersnel recept, of hoe je in minder dan 20 minuten een Grieks getint feestje op je bord tovert. 


Dit hebt je nodig voor 2 personen:

  • 150 g risoni
  • 1 kleine ui, fijngesnipperd
  • 1 teentje look (optioneel)
  • 350 g bladspinazie, diepvries
  • 250 g Quorn-gehakt, diepvries (Colruyt)
  • 15-tal zwarte olijven, ontpit, in schijfjes
  • 100 g gekruide (feta-)kaasblokjes in olie, uitgelekt
  • 1/2 koffielepel nootmuskaat
  • Olijfolie
  • Peper & zout van de molen

Zo maak je het:

Kook de risoni al dente volgens de instructies op de verpakking. Verwarm intussen een antikleefpan met een scheutje olijfolie. Fruit er het uitje en de look in en voeg daarna het (nog diepgevroren) Quorn-gehakt toe en de spinazie. Roer goed tot alles ontdooid is en kruid dan flink met peper, zout en nootmuskaat. Laat nog even verder sudderen en voeg dan de uitgelekte risoni toe. Haal de pan van het vuur en voeg dan de kaasblokjes en olijven toe, meng goed en serveer!  



Snelle pasta: Volkoren pasta met champignons, dragon en basilicum

Ken je ze ook, die drukke dagen? Je hebt weinig tijd, maar wil toch ook niet elke dag terugvallen op kant-en-klaar- of afhaalvoeder. Hierbij het eerste receptje in de reeks "Snelle pasta's", want in slechts 20 minuten kan je ook wel een gezonde maaltijd op tafel toveren. Fastfood zonder schuldgevoel, geweldig toch? Geen fan van dragon, gebruik dan bijvoorbeeld alleen basilicum. 


Dit heb je nodig voor 2 personen:

  • 200 g volkoren pasta
  • 1 rode paprika, in blokjes
  • 2 à 3 sjalotjes, fijngehakt
  • 1 groot bakje champignons (500 g), in dunne schijfjes
  • 1 doosje Alpro Soja Cuisine Light (250 ml)
  • 1 à 2 eetlepels fijngehakte dragon (vers of gedroogd), naar smaak
  • 1 à 2 eetlepels fijngehakte, verse basilicum + enkele hele blaadjes voor de afwerking
  • Olijfolie
  • Peper & zout van de molen


Zo maak je het:
Kook de pasta al dente, volgens instructies op de verpakking. Zet intussen een antikleefpan op het vuur met een scheutje olijfolie. Fruit er de sjalot in, voeg daarna de paprika toe en laat enkele minuten stoven. Voeg daarna de champignonschijfjes toe. Wanneer de paprika en champignon gaar zijn en het meeste vocht is verdwenen, kruid je alles met peper en zout en voeg je de fijngehakte kruiden toe. Voeg ten slotte de sojaroom toe en laat nog een minuutje doorkoken. Voeg de uitgelekte pasta toe, meng en versier met wat basilicumblaadjes. 



woensdag 17 november 2010

Cannelloni met broccoli

Cannelloni met spinazie en ricotta lijkt me een klassieker die vaak als één van de weinige vlees- of visloze opties op de betere brasseriekaart staat. Dat maakt het, meestal toch, niet minder smakelijk. Jeroen Meus maakte zelfs onlangs ook een eigen versie, het zag er zoals gewoonlijk erg lekker uit! Ik herinnerde me ook vaag een variant van Jamie Oliver met geweldig mooie romanesco kolen en nog vanalles (bloemkool?) uit zijn tuin. Het recept vond ik niet meteen terug en ook voor romanesco's is het blijkbaar niet het seizoen, dus ging ik voor broccoli. Het broccoliseizoen is ook al voorbij, geloof ik, maar het is zo lekker meneer! En als we dan toch een klassieker aan het aanpassen zijn, dan moeten we het goed doen. Het werd dan ook mascarpone in plaats van ricotta, iets calorierijker maar ook oh zo lekker smeuïg. Het recept is voor 4 personen.




Dit heb je nodig voor de saus:


  • 2 blikken tomatenblokjes (800 g)
  • 2 wortelen
  • 2 uien (ik ging voor wit & rood)
  • Eventueel een teentje look
  • 1 handjevol verse basilicum
  • 1 koffielepel oregano
  • 1 eetlepel suiker
  • 1 mespuntje cayennepeper of iets dergelijks
  • Peper & zout van de molen
  • Olijfolie


Voor de cannelloni:


  • 2 stronken broccoli
  • 2 à 3 groentenbouillonblokjes in 2,5 l water
  • 1 potje mascarpone (250 g)
  • 1 zakje geraspte mozzarella (200 g)
  • Ongeveer 16 cannelloni


Zo maak je het:
Maak de wortelen, uien en look schoon en hak fijn. Zet een kom met een flinke scheut olijfolie op een middelmatig vuur. Stoof hierin de groenten ongeveer 10 minuten, laat ze niet bruin worden. Voeg dan de tomatenblokjes toe en laat ongeveer 20 minuten sudderen op een lager vuur.


Breng ondertussen het water met de groentenbouillonblokjes aan de kook. Maak de broccoli schoon en verdeel in roosjes, er mogen zeker nog wat stengeltjes aan zitten, alles wordt toch fijn gemixt. Kook ze in een kwartiertje gaar (niet meer al dente!), giet daarna af en laat uitlekken. Het kookvocht kan je eventueel opvangen en later gebruiken voor broccolisoep of een witte saus. Mix de broccoli daarna superfijn met de staafmixer of in de blender en voeg op het einde de mascarpone toe. Bijkruiden is voor mij niet nodig, maar ga vooral je gang! Doe deze broccolicrème in een diepvieszakje, maak het dicht en zet even in de koelkast/diepvries om op te stijven. Er blijft echt niet zoveel over van die broccoli, zoals je kan zien.




Voeg dan de basilicum, oregano, cayennepeper en suiker bij de tomatensaus en kruid met peper en zout. Laat nog 10 minuten verder pruttelen en verwarm ondertussen de oven voor op 180° C. Haal de broccolivulling er opnieuw bij en knip een hoekje van het diepvrieszakje. Vul met deze geïmproviseerde spuitzak de cannelloni op en leg deze in een ovenschotel. Check out mijn nieuwe Tefal antikleefovenschotel trouwens, wij gaan samen nog veel lekkere ovenavonturen tegemoet! ;) Bedek de cannelloni met de tomatensaus, werk af met de mozzarella en zet de schotel een klein half uurtje in de oven.




Laat eventjes rusten en dien op. Heb je nog een overschotje broccolivulling over, zeker niet weggooien! Het is superlekker koud op toast of als bodem van een "verrine". 



woensdag 10 november 2010

Preiflapjes met camembert en een fluweelzacht sausje

Een paar weken geleden was ik voor een gezellig weekendje in Valencia met enkele vriendinnen. Geweldig mooie stad waar het bovendien nog geweldig mooi weer was voor eind oktober. We hebben er ook heel lekker gegeten. Van origineel vegetarisch (hierover een andere keer meer), tot een snelle hap. Empanadas bijvoorbeeld, van die lekkere flapjes gevuld met vanalles en nog wat. In een flapje, daar had ik nog wel eens zin in. Ik maakt het door tijdsgebrek met kant-en-klaar bladerdeeg, wat wel een ander stoort crunch als resultaat heeft.


In het miezerige België is de herfst intussen volop aan de gang en dus koos ik voor prei als vulling, lekkere herfstprei. En dan camembert. Nooit echt een fan van geweest bij brood, maar in Valencia ontdekte ik bij een tapasetentje gefrituurde camembert met een bosbessensausje, verrassend lekker was dat. Van gesmolten camembert lust ik wel kaas. (Haha) De mosterd voor het sausje ten slotte, haalde ik opnieuw in de lessenreeks Fingerfood. Heel eenvoudig, op basis van courgette en roomkaas. Misschien een leuke voorgerechtje voor de feestdagen?  


Dit heb je nodig voor 4 voorgerechtjes:
  • 4 bladerdeegjes (ik gebruikte 1 rol kant-en-klaar taartdeeg)
  • 2 stengels prei
  • 1 klontje boter
  • 1/2 camembert
  • Een scheutje melk
  • Peper & zout van de molen
  • 1 courgette
  • 250 ml water
  • 1/2 groentenbouillonblokje
  • 3 eetlepels Philadelphia (Light) of een andere room- of plattekaas (Mascarpone ofzo)
  • Wat verse bieslook
Zo maak je de flapjes:
Snijd de preistengels overlangs in 2 en was goed onder stromend water. Snijd in dunne halve ringetjes. Zet dan een antikleefpan op een middelmatig vuur en doe er het klontje boter in. Stoof er de prei in tot deze zacht is en er geen vocht meer in de pan is. Kruid met peper en zout. Zet opzij en laat wat afkoelen. 


Verwarm dan alvast de oven voor op 200° C. Schil de courgette, het hoeft niet, maar voor deze saus oogt het gewoon wat aantrekkelijker. De saus wordt gemixt en dan zijn die kleine stukjes schil misschien minder "mooi". Verwijder wel de zaadlijsten en snijd in blokjes. Breng het water met het halve bouillonblokje aan de kook en laat de courgetteblokjes er gaar in worden. Ondertussen kan je alvast het bladerdeeg klaarleggen. Als de courgette helemaal zacht (super gaar!) is, mix je ze glad samen met wat van de bouillon overblijft. Voeg dan de roomkaas toe en mix nogmaals. Proef of de saus nog bijgekruid moet worden. Ik proefde uitgebreid en vond het niet nodig. :)




Beleg elk bladerdeegje met ongeveer 2 eetlepels gestoofde prei en 1 sneetje camembert. Vouw de flapjes zorgvuldig dicht en duw stevig aan. Leg ze op een bakpapiertje, bestrijk ze met wat melk en bak ze gedurende ongeveer 15 à 20 minuten goudbruin. Serveer met het sausje en wat verse, gesnipperde bieslook.


Tip: Maak de flapjes 2 tot 3 keer zo klein en serveer als hapje met hetzelfde sausje uiteraard!