dinsdag 14 december 2010

Bloemkoolsoep met courgette en basilicum

Mijn vorige bloemkoolsoep is zo goed meegevallen, dat ik besloot om nog wat verder te experimenteren. Dit keer voegde ik een courgette en basilicum toen. Geen verse basilicum, want die plantjes uit de supermarkt overleven in de winter niet lang bij mij... Ik gebruikte een soort pasta op basis van olie en verse basilicum (Makro). Erg handig in deze winterse tijden, alleen is het een vrij grote pot, Makro nietwaar. Er volgen dus vast nog een paar andere basilicumreceptjes!


Dit heb je nodig voor 5 à 6 porties:
  • 1/2 bloemkool
  • 1 kleine courgette
  • 1 grote ui
  • 2 groentenbouillonblokjes
  • 2 eetlepels basilicum op olie (of 1/2 plantje verse)
  • Olijfolie
  • Peper & zout van de molen


Zo maak je het:
Was de groenten. Snijd de ui en de courgette grof en de bloemkool in kleine roosjes. Zet een grote soepkom op een middelmatig vuur met een flinke scheut olijfolie. Stoof de ui aan, maar laat niet bruinen, voeg daarna ook de courgette en bloemkool toe en laat nog enkele minuten goed stoven. 




Voeg daarna de bouillonblokjes toe en ongeveer 2 liter water. Laat 30 à 40 minuten doorkoken en voeg op het einde de basilicumpasta toe. Neem dan de kom van het vuur en haal je staafmixer maar boven. Of gebruik een blender, as you wish! Mix de soep glad en kruid nog wat bij met peper & zout, naar smaak. De soep is echt lekker smeuïg en voor mij hoeft er echt niets extra bij. Je kan er natuurlijk altijd een scheutje room of een schepje ricotta of mascarpone aan toevoegen voor een extra rijke soep!


zondag 12 december 2010

Preitaart

Het is hoog tijd om nog eens een veggie meaty aanpasbaar gerechtje te posten. Dat is hier thuis nu eens Dagelijkse Kost, zonder Jeroen welteverstaan. Een groententaart is hier de perfecte basis voor. Je kan perfect een meaty kant en een veggie kant creëren door een soort van scheiding te maken met een restje deeg, dat allemaal in 1 schotel. Als dat niet afwasvriendelijk is! Ik koos voor prei en kerstomaten als basisingrediënten, al zijn de kerstomaten nu niet zo lekker als in de zomer. Je kan ze in de winter bijvoorbeeld ook vervangen door de zongedroogde variant (op olie). Verder nog Parmezaanse kaas en wat kappertjes voor mij. De V.V. kreeg mini gehaktballetjes en was lovend.


Dit heb je nodig voor een halve veggie en halve meaty taart:

  • 1 rol kant-en-klaar bladerdeeg
  • 3 eitjes
  • 1 dl light room (7% vetgehalte)
  • 1 flinke stengel prei, in (halve) ringetjes
  • 15-tal kerstomaten, in kwartjes
  • 2 handjesvol Parmezaanse kaas in dunne plakjes
  • 2 eetlepels pesto (ik gebruikte rode)
  • 2 eetlepels kappertjes
  • 150 g gemengd gehakt, gekruid, in kleine balletjes
  • Enkele blaadjes basilicum
  • Olijfolie
  • Peper & zout van de molen


Zo maak je de taart:
Zet een antikleefpan op een middelmatig vuur en stoof de preiringetjes in wat olijfolie. Zet opzij en laat even afkoelen. Verwarm intussen de oven voor op 200° C. Rol het bladerdeegje uit en pas het samen met het bakpapiertje in een ovenschotel. Snijd de rand van het deeg en bijhorend papier bij. Prik enkel gaatjes in het deeg en smeer de pesto over de bodem.  




Kluts dan de eieren los, samen met de room. Kruid met peper en zout en meng er de prei en kerstomaten onder. Giet dit in het bladerdeeg. Aan 1 kant verspreid je de kappertjes en aan de andere kant de vleesballetjes. Bedek met de basilicumblaadjes en de Parmezaanse plakje. Maak ten slotte een verdeling met een restje bladerdeeg zodat de balletjes en kappertjes op hun plaats blijven liggen. Welke kant vind jij de aantrekkelijkste?   




Zet de taart ongeveer 25 minuten in de voorverwarmde oven. Haal de schotel er daarna uit en laat eventjes rusten.




Serveer met wat veldsla, met balsamico en olijfolie.


maandag 6 december 2010

Wraps alla Parmigiana

Melanzane alla Parmigiana, I love it... Maar helaas was er geen tijd om de hele ovenschotel klaar te maken zoals het moest. Er waren wel nog wraps in de voorraadkast et voilà, een snelle lunch alla Parmigiana was een feit. Wraps of tortilla's zijn dan wel niet typisch Italiaans, het is zeker geen slecht alternatief voor de traditionele Italiaanse "wraps": piadine of piade, uit Emilia-Romagna. Erg vind ik dat niet, de échte piade maken ze namelijk met reuzel... Need I say more... 

Voor 1 persoon heb je genoeg aan 1/2 aubergine, maar ik grilde meteen een hele. De overgebleven plakjes waren superlekker koud in mijn lunchpakket. Een broodje met wat Philadelphia Light, een veegje rode pesto en een plakje aubergine, geweldig toch?




Dit heb je nodig voor 2 wraps (1 persoon):
  • 1/2 aubergine
  • Een overschotje tomatensaus
  • Een handjevol parmezaanschilfers
  • 1/2 bolletje mozzarella
  • 2 wraps / piadine
  • Olijfolie
  • Peper & zout van de molen


Zo maak je het:
Was de aubergine en snijd overlangs in plakken van een kleine cm. Bestrooi ze flink met (grof) zout langs beide kanten. Zet intussen een (grill)pan op een hoog vuur. Dep zoveel mogelijk zout en vocht van de aubergineplakken met keukenpapier. Doe een royale hoeveelheid olijfolie in de pan en bak de plakken enkele minuten aan elke kant. Voeg indien nodig nog wat olijfolie toe bij het omdraaien. Laat daarna even uitlekken op keukenpapier en kruid daarna eventueel met zwarte peper van de molen.




Verwarm alvast de oven voor op 200° C en snijd de mozzarella in plakjes. Leg een 3-tal plakken aubergine op een wrap, bedek met evenveel plakjes mozzarella en een paar eetlepels tomatensaus. Eindig met de parmezaanschilfers en plooi de wrap dicht. Steek er 2 (houten!) tandenstokertjes in zodat de wrap gesloten blijft. Doe hetzelfde met de 2de wrap en leg ze op een bakplaat. Zet de warps ongeveer een kwartiertje in de oven. Serveer eventueel met een rucolaslaatje.



Tip: Snijd elke wrap in een 6-tal rolletjes, steek er een prikkertje door en je hebt ook een lekker hapje!

donderdag 2 december 2010

Yoghurtdessertje met speculoos en appel

Sneeuw, vriestemperaturen... Het ideale moment om een avondje gezellig thuis te blijven en een dessert te maken. Eigenlijk ben ik niet echt een "dessertjesmadame". Geef mij maar the real deal, gewoon goed, lekker eten. Voor een dessert is er dan meestal niet veel plaats meer over en vaak eet ik het dan toch, uit nieuwsgierigheid, uit beleefdheid of onder zachte dwang... Maar dan valt dat oh zo zwaar op de maag en neem ik me weer voor om nooit meer dessert te eten. 


Daarom koos ik voor magere yoghurt als basis van mijn dessertprobeersel, licht en lekker. Ik gebruikte wel een beetje room (35% vetgehalte) om er toch wat meer smeuïgheid in te brengen. Ik koos ook voor appel en speculoos, want jawel, die goede man met zijn rode cape (niet superman) komt binnen enkele dagen weer door onze schoorsteen naar binnen met hopelijk veel lekkers waaronder speculoos. Het dessertje was superlekker en lag zeker niet zwaar op de maag, misschien moet ik er maar een patent op nemen! En het was nog snel klaar ook. Nog wat yoghurt over? Probeer dan zeker deze stracciatella yoghurtcake. 




Dit heb je nodig voor 4 porties (en een proevertje):
  • 1 flesje room (250 ml, 35% vetgehalte)
  • 4 à 5 eetlepels bloemsuiker
  • 1 vanillestokje
  • 4 potjes magere yoghurt (4 x 125 g)
  • 1 grote appel (jonagold)
  • 4 grote sinterklaasspeculozen (kleine 100 g)
  • 1 klontje boter


Zo maak je het:
Schil de appel, verwijder het klokhuis en snijd in kleine blokjes. Stoof deze enkele minuten in een klontje boter. Zet opzij en laat afkoelen. Doe de room in een mengbeker en voeg de bloemsuiker toe. Neem dan het vanillestokje, snijd het middendoor en haal de "zwarte puntjes" eruit en voeg ze toe aan de room. Klop dit mengsel op, maar niet te stijf zoals slagroom. Voeg er dan de yoghurt bij en meng geleidelijk met een spatel.




Doe dan de speculoos in een keukenrobot of vijzel en maak fijn. Neem dan 4 (5) glazen en verdeel de appelstukjes op de bodem. Doe er per glas ook een lepel gemalen speculoos over. Bedek met een flinke laag yoghurtroommengsel en zet een uurtje in de koelkast. Voor je de dessertjes serveert, werk je ze nog af met wat speculoos, zo blijft het lekker krokant. 




Tip: Voor de allerkleinsten kan je misschien een versie maken met mini Prince koeken! Zelfs de grotere kids vinden dit erg lekker. ;) Vergeet de speculoos en appel en verdeel een 5-tal mini Princekoeken lasagnagewijs in een glas met het yoghurtroommengsel.



zondag 28 november 2010

Aardappelkoekjes

Patapas... Tapas met patatjes dus. Je hebt de reclamespots waarschijnlijk al eens gehoord of gezien. Het is namelijk de laatste nieuwe culinaire trend van VLAM om de aardappel te promoten. Ik probeerde er zelf ook eentje te maken.




De onmisbare patatjes van mijn Tallore patapa kookte ik samen met paprika gaar in melk. Ik zag Jeroen Meus dit eens doen bij een soort van fish cakes in Dagelijkse Kost, met vis in plaats van paprika wel. Dit maakt de aardappels inderdaad extra zacht, ideaal om achteraf te pureren. Verder koos ik nog voor champignons, pecorino en kappertjes. Nu vond ik het wel lekker als hapje, met een pittig tomatenpaprikasausje bijvoorbeeld, maar ik denk dat mijn probeersel ook lekker zou zijn als bijgerecht, als een feestelijk groentenaardappelkroketje. Misschien een ideetje voor het eindejaar?    


Dit heb je nodig voor een 12-tal koekjes (of een 25-tal hapjes):
  • 500 g aardappelen (geschild)
  • 400 ml melk
  • 1/2 koffielepel nootmuskaat
  • 1 groene paprika (of een andere krokante groente)
  • 1 bakje champignons (250 g, ik gebruikte Parijse, maar andere soort kan zeker ook)
  • 1 grote, rode ui (of enkele sjalotjes)
  • Een handvol verse basilicum
  • 50 g pecorino (of Parmezaanse kaas)
  • 3 eetlepels kappertjes
  • 3 eetlepels bloem
  • Een handvol paneermeel
  • Een klein handvol amandelschilfers
  • 1 ei
  • Eventueel 1 ei extra en een handvol bloem voor een dikker korstje (als hapje)
  • Peper & zout van de molen
  • Olijfolie


Zo maak je de koekjes:
Snijd de geschilde aardappels in stukken en breng ze aan de kook op een zacht vuur in de melk. Kruid dit alvast met peper, zout en nootmuskaat. Roer af en toe, want kokende melk wil al eens aanbranden. Gebruik daarom best een antikleefpot... (Ja, ik heb nogal moeten schrobben na mijn eerste poging!) :) Snijd intussen de paprika of andere groente in blokjes en voeg deze na 10 minuten bij de aardappels. Laat verder pruttelen tot de aardappels volledig gaar zijn.  


Snijd intussen de ui of sjalotjes in blokjes en maak de champignons schoon. Snijd deze laatste in dunne schijfjes. Stoof de ui aan in olijfolie en voeg na enkele minuten ook de champignons toe. Blijf goed roeren en wanneer de champignons bijna klaar zijn, voeg je de fijngesnipperd basilicum toe en kruid met peper en zout. Laat stoven tot al het vocht van de champignons verdampt is.




Giet dan het aardappelpaprikamengsel af en ga erdoor met de pureestamper. Rasp de pecorino fijn en voeg deze erbij. Kluts het eitje los en voeg dit samen met de bloem toe en roer alles goed door elkaar. Voeg daarna de kappertjes en champignons toe en meng opnieuw. Laat even afkoelen en rol er daarna balletjes van, die je platdrukt. Neem dan een apart kommetje en doe er het paneermeel in samen met de amandelschilfers die je wat verkruimeld in je hand. Rol er de balletjes door. Wil je een dikker korstje, wat lekkerder is als hapje maar niet echt nodig als bijgerecht, dan haal je de balletjes eerst door wat bloem, dan door een losgeklopt eitje en ten slotte door het paneermengsel. Laat de balletjes even opstijven in de koelkast.



Verhit een ruime hoeveelheid olijfolie in een pan op een hoog vuur. Bak de balletjes goudbruin in de olie en laat uitlekken op keukenpapier. Serveer!